30-07-09

TMB-dag 9

tmb-dag9

Op het schema: Col de Balme - Col de Posettes - Aiquille des Posettes - Tré-le-Champs - Chalet des Chescrys - La Flégère. Normale wandeltijd: 6u35.

col_de_balme_bisNa een ontbijt wat volledig in lijn lag met onze bevindingen van de avond voordien en van wat we 's nachts meemaakten (echt heel erg slechte bedden), gingen we weer op stap de volgende dag. Op weg naar La Flégère, een vrij groot ski gebied, voelde ik mij gelukkig goed gerekupereerd: de verzwakking van de dag voordien was eigenlijk te wijten aan een euvel dat mij al gans mijn leven overkomt en waar ik mij volgens de dokters geen zorgen hoef om te maken, zolang het maar eens om de zoveel maanden is: na een goed middagmaal krijg ik heel af en toe een soort appelflauwte, vergelijkbaar met suikertekort. Bergop ging weer als vanouds, maar nu was het de bergaf die begon te wegen: enkele dagen geleden had ik mijn voet omgeslagen, en die bleef precies los hangen, en sloeg bij de minste gelegenheid opnieuw om. Jammer genoeg moest ik daar reeds besluiten dat ik de volgende dag op mijn eentje een alternatieve route zou nemen. Zoniet werd het na een lange klim (geen probleem me tde voet) vijftienhonderd meter dalen (wel een probleem), en met mijn gezwollen voet was dit niet aan te raden. Nu heb ik er al veel spijt van dat ik niet wat harder op mijn tanden heb gebeten. ‘k Had misschien een voorbeeld moeten nemen aan het doorzettingsvermogen van Gery, die met immense blaren - schoot er eigenlijk nog wel iets over van zijn voet - de tocht wel volmaakte. Meer nog: tijdens die voorlaatste dag stormde hij als een jong veulen - of was het een dolle koe ? - naar beneden, de jeugd achterna en voorbij.

tmb30       

tmb31

Gedurende onze voorlaatste dag hadden we alle soorten weer: gewoon bewolkt, regen, wat mist, soms wat vochtige warmte. De tocht zelf was zonder meer mooi, zeker van Tré-le-Champ naar La Flégère. Hier en daar werden we verplicht om recht omhoog te klimmen; de weg liep langs kunstmatige konstrukties zoals klimladders, en we kregen zowaar nog de allures van echte bergbeklimmers. Al wel dat we dus niet dood zijn.
tmb28Op een bepaald ogenblik kwamen we zelfs oog in oog te staan met twee gemsen (moeder en dochter / zoon) die nog niet eens bang waren van ons.tmb27
In La Flégère wisten ze blijkbaar wel hoe het gezellig kan gemaakt worden: een zeer mooie en ruime dortoir onder het dak, een aparte bar waar de open haard was aangestoken, meer was er niet nodig om de stemming erin te krijgen. Een ideaal decor om voor de laatste maal ten overvloede te bewijzen hoe goed het ene duo (Hendrik / Geert) wel kon kaarten, en hoe flauw het andere duo (Gery / Karel) wel was.
tmb29Het avondeten was zeer lekker, zelfs van het beste dat we in een refuge al gekregen hadden. Vooral de overheerlijke flan als toetje smaak ik nu nog in mijn mond.

24-07-09

TMB-dag 8

tmb_dag8

Op het schema: relais d'Arpette - La Balme - Fenêtre d'Arpette - Prise d'eau du Bisse - Col de Balme. Normale wandeltijd: 9u.
Inklusief rustpauzes zou dit een tocht worden van om en bij de 12 uren.

Of het één met het ander iets te maken had weet ik niet (die Braziliaanse schoonheden, remember), maar de volgende morgen stond ikzelf niet honderd procent fris op: ik had wat last van duizeligheid. Hoewel dit euvel bijna verwaarloosbaar klein kon genoemd worden zou later op de dag blijken dat elk fysiek ongemak, hoe klein ook, tijdens een bergtocht ongenadig wordt afgestraft.
Zoals in het vorige verslagje reeds vermeld, hadden we besloten om de Fenêtre d'Arpette links te laten liggen: te gevaarlijk bij glibberig en nat weer.

relais_darpette_view_bis

De eerste paar honderd meters van de achtste dag leek het wel alsof we zweefden: zonder bagage stappen maakt echt waar een groot verschil uit. Eén enkele rugzak hadden we mee, voor zes personen. Elk op toer kwam aan de beurt om de last te dragen. En kijk: reeds acht dagen waren we op reis met een opperbeste onderlinge verstandhouding in onze beperkte groep, maar een mens blijft een mens, en als een beurtrol wordt uitgedokterd begint hij te wegen, te  meten en te vergelijken,  zodat op lange duur zelfs kleine irritaties zouden ontstaan.
Het kostte die morgen nogal wat moeite en discussies om de juiste weg te vinden, maar eens op het goede spoor kwamen we snel vooruit. Tegen de middag waren we in Triënt waar we onze bagage konden oppikken. Gedaan met het gemakkelijke stappen zonder die last op de rug.

col_de_balme

Na een heerlijk middagmaal ‘à la carte’ vertrokken we naar Col de Balme: ongeveer twee uur en een half klimmen. Het zou voor mij persoonlijk de zwartste trip worden van de tiendaagse.
Onmiddellijk na de start liep alles nog op wieltjes. Maar na een kwartiertje klimmen ging voor mij het licht uit: zelfs uitrusten was op dat moment lastig. Tot overmaat van ramp sloeg de hemel dicht en het had er alle schijn van dat we in een immens onweer zouden terechtkomen. Wonder boven wonder bleef ons dat bespaard, en gelukkig maar, want als we achterom keken in de valei, van waar we kwamen, zagen we dat het water waarschijnlijk met bakken uit de hemel viel. De regen trok strepen door de bijna pikzwarte lucht.
Ondertussen bleef elke stap even zwaar als enkele dagen geleden de beklimming van een ganse col: alle kracht was uit mijn lichaam verdwenen. Het was een magere troost te konstateren dat ook Rose-Mie in een zwart gat terecht gekomen was.
Eindelijk boven gekomen in Chalet de Balme werden we opgewacht door Dirk, die ons de tweede dag had moeten verlaten. Met hem was immers alles dik in orde, en aangezien zijn motivatie ondertussen zeker niet verminderd was, had hij er een reisje Brugge - Chamonix voor over gehad.

refuge_col_de_balme

Voor hen die dit verhaal lezen,  en niet bij ons aanwezig waren, maar wel overwegen om ooit dezelfde tocht te ondernemen, één goede raad: tracht koste wat kost Chalet de Balme over te slaan. Daar wordt gedemonstreerd dat het perfekt mogelijk is om een chalet - met intrinsiek misschien een van de mooiste liggingen (hoewel we dat niet echt konden zien vanwege regen en mist) -zodanig uit te baten dat hij in de herinnering blijft als met voorsprong de slechtste verblijfplaats. Ongezellig, duur (250 frank voor een douche, stel je voor, en we liepen er nog in ook), onvriendelijk, slordig, misschien zelfs onhygienisch, geen enkele voorziening, ‘t stonk er, en on top of that onvoorstelbaar slechte bedden.

Nochtans, en dat hadden we onderling al meermaals opgemerkt: al die chalets hebben alles in zich om elke avond gezellig en onvergetelijk te maken, zeker bij regenweer. Het zou bijvoorbeeld volstaan dat de waard(in) midden op de grote stoof - die dan wel moet branden natuurlijk - voor de gasten wat pannekoeken bakt, al dan niet geflambeerd met een eventueel zelf gebrouwen drankje, om zo de gepaste stemming erin te brengen. Misschien zou het opstaan ‘s anderendaags dan wel wat minder aangenaam zijn.
Slechts één enkel puntje werd als positief ervaren: ‘s avonds kregen we frieten, en ze waren nog niet eens slecht ook. Over de rest dat daar werd bij opgediend zwijgen we stilletjes. ‘k Was al blij dat het grootste stuk vlees aan mijn neus voorbij ging. Bij het ontbijt stonden we ook voor een dilemma: niet eten of het waarlijk keiharde brood trachten door te spoelen met een soort sop dat ooit naast de koffiekan gestaan had.
En toch hadden we ook daar weer plezier. Ik kan het mij niet allemaal meer herinneren, maar er zal ook daar wel iemand de slappe lach gehad hebben. Wellicht Anne-Mie, die had altijd en overal de slappe lach.

De foto's welke hier vandaag te zien zijn werden van het internet geplukt.